VIJF VRAGEN OVER VIS

WAT BETEKENEN DE RANDEN VAN HET WAD VOOR VIS?

WAT BETEKENEN SCHELPDIER- BANKEN VOOR VIS?

HOE GEBRUIKEN SCHOOLVORMENDE VISSEN DE WADDENZEE?

HOE GEBRUIKEN GROTE VISSEN DE WADDENZEE?

HOE GEVEN WE VIS IN DE WADDENZEE EEN BETER TOEKOMST-PERSPECTIEF?

WAT BETEKENEN SCHELPDIERBANKEN VOOR VIS?

Van nature komen er schelpdierbanken en velden met schelpkokerwormen voor in de Waddenzee. Deze bieden voedsel en beschutting aan jonge vissen. Door onder andere ziekten en bodemberoerende visserij is het aantal banken en riffen decennialang sterk teruggelopen. Maar er is natuurlijk herstel gaande. In dit onderzoek kijken we naar herstel van sublitorale mosselbanken (mosselbanken die altijd onder water staan) en hun rol voor vissen.

Door geluiden van vissen op te nemen en camerabeelden te maken, wordt duidelijk welke vissen schelpdierbanken gebruiken tijdens hun levenscyclus.

Rol van schelpdierbanken en riffen

Schelpdierbanken zijn echte biobouwers, ze creëren een eigen ecosysteem waarvan veel soorten profiteren. Ook dragen schelpdierbanken en ander rifstructuren waarschijnlijk bij aan de kinderkamerfunctie van de Waddenzee, maar welke vissoorten in welke fase van hun leven aangewezen zijn op deze structuren, is nog grotendeels onbekend. In dit onderzoek proberen we daar een beeld van te krijgen.

Effect van gesloten gebieden
Enkele gebieden in de Waddenzee zijn gesloten voor mossel- en garnalenvisserij, vormen van visserij die de bodem beroeren en daarmee nadelig kunnen zijn voor de ontwikkeling van riffen en schelpdierbanken. Het onderzoek vindt daarom plaats zowel in als buiten deze gesloten gebieden, zodat het indirecte effect op vissen kan worden onderzocht.

Kunstmatig aangelegde schelpdierbanken
In eerdere projecten als Mosselwad en Waddensleutels is gepionierd met het actief herstellen van mosselbanken, de aanleg van kunstmatige structuren. In dit onderzoek gaan we uitzoeken welk effect dergelijke structuren hebben op vissen.

HOE GAAN WE DAT ONDERZOEKEN?


Meten jaarrond gebruik door vissen

In vier uiteenlopende schelpdierbanken en kokerwormriffen – gelegen in gebieden die open zijn voor visserij, gesloten voor visserij of mogelijk te sluiten – wordt jaarrond de visgemeenschap in kaart gebracht. De locaties worden gedurende twee tot drie jaar periodiek bemonsterd, onder andere met behulp van bio-akoestiek: aan de hand van geluiden die vissen maken (opgenomen met een hydrofoon) en video-opnamen met een speciaal ontwikkelde camera, wordt bepaald hoeveel vissen en welke vissoorten zich er ophouden.

Experiment kunstmatige rifstructuren
Door het project Waddentools-Waddenmozaïek worden in de Waddenzee tien proefvlakken met verschillende vormen van substraat (bijvoorbeeld schelpen, stenen, zeegras) aangelegd. Binnen Waddenmozaiek gaan de onderzoekers volgen welke dieren zich vestigen op deze verschillende ondergronden. Op deze proefvlakken brengen wij in kaart welke vissoorten op welke ondergrond afkomen. Zie voor meer details de website van Waddenmozaiek

Onderzoek maaginhoud vissen

Vissen die zich ophouden bij dit soort structuren doen dat waarschijnlijk vanwege beschutting of om er te eten. Daarom gaan we ook het dieet van vissen onderzoeken, omdat dat meer zicht geeft op de functie van structuren voor vissen. Het zijn over het algemeen kleine vissen, dus naast ouderwetse maaganalyse via een microscoop wordt de maaginhoud ook geanalyseerd met behulp van DNA barcoding, herkenning van DNA-fragmenten van de opgegeten diersoorten. Zo weten we wie wat eet en of dit verschilt tussen natuurlijke banken en aangelegde structuren.

Wie?
Onderzoeksinstituut: Rijksuniversiteit Groningen
Onderzoeker (promovendus): Maryann Watson